Mar
8
China pakt speculatie aan
Filed Under groeilanden, China |
Op 27 februari namen de wereldwijde effectenmarkten een duik. De meeste experts verwachtten een uitverkoop, maar de ééndaagse zwakte was erger dan men had vermoed. Bij nader inzien lijkt het alsof de Chinese Draak kou heeft gevat en dat de rest van de wereld moest niezen… voor de eerste keer.
Iedereen aanziet de Chinese markt als een symbool van de opkomende markten en de laatste jaren is dit land met raketkracht omhooggeschoten. Deze explosieve groei werd voornamelijk aangedreven via door de overheid gesubsidieerde leningen.
Maar de laatste maanden begon de Chinese overheid zich zorgen te maken over de opdoemende gedaante van de “overinvestering”, die een immense vraag naar grondstoffen deed ontstaan ter ondersteuning van de jaarlijkse groei van meer dan 10%.
De vraag duwde de prijzen omhoog en inflatie begon haar lelijke kop op te steken. Maar dat was niet de echte reden waarom de overheid besliste in actie te treden.
Er werd ontdekt dat vele actoren (vooral Generaals uit het leger), die grote verbruikers waren van overheidsleningen, geld begonnen te lenen - niet om in nieuwe bedrijven te investeren maar om op de aandelenmarkt te speculeren.
Deze injectie van leengelden stuwde de prijzen op de aandelenmarkt en de winstverhouding de hoogte in. Bovendien nam in 2006 het handelsvolume op de Chinese markten met meer dan 700% toe!
De Chinese regering verdient een pluim daar ze beslist heeft om daadwerkelijk op te treden om de zaken onder controle te krijgen.
Op 26 februari kondigde de regering in Beijing de vorming aan van een actiegroep die de aanwending van door de overheid gesubsidieerde leningen voor speculatie op de aandelenmarkt zou onderzoeken en de makelaars en investeringsadviseurs die dit procédé vergemakkelijken onder de loep zou nemen.
Dit nieuws kwam aan als een emmer koud water op een smeulende sigaret. Niet geheel verwonderlijk deed er zich ’s anderendaags op de Chinese markt een dip voor van meer dan 8%. Maar daarmee was het niet afgelopen.
Bijna ogenblikkelijk drukten andere wereldmarkten hun meeleven met de Chinese markten uit door lustig mee te duiken. Tot 27 februari had wat er zich op de Chinese markten afspeelde weinig of geen effect op de buitenlandse markten.
Maar deze keer was het anders. Zodra de andere markten begonnen te reageren, kregen de makelaars de raad om hun cliënten op te bellen en een margin call uit te vaardigen op alle rekeningen die wat dun uitgespreid waren. (Wanneer een investeerder aandelen op marge koopt en de rekening onder een zekere waarde daalt, moet de investeerder ofwel meer kapitaal storten ofwel aandelen verkopen - dit is een margin call).
Wel, zoals u zich het wellicht kan voorstellen ontketende dit een wereldwijd sneeuwbaleffect.
“En dan?”, denkt u.
Eén van de voordelen van investeren in opkomende markten is dat deze aandelen een lage correlatie vertonen met de “ontwikkelde” markten. Met andere woorden, wanneer er iets voorvalt op een nationale opkomende markt heeft dit normaal maar weinig invloed op markten in de ontwikkelde wereld en omgekeerd.
Op dinsdag 27 februari 2007 werd via miljarden aan verdampte marktwaarden bewezen dat de “opkomende markt” in China toch wel met de ontwikkelde markten correleert.
Onheilspellender is het feit dat de Chinese regering een unilaterale beslissing nam om op haar eigen markten in te grijpen en dat deze strategie in de hele wereld schokgolven veroorzaakte.
Stel u eens voor… Chinese politici kunnen nu de wereldwijde “vrije markten” beïnvloeden. Zou deze politieke manoeuvre kunnen omslaan tot een daad van politieke en financiële agressie?
Zouden de Chinezen de hebzucht van de vrije wereld gebruiken om broodnodig kapitaal aan te trekken en dan hun eigen markt manipuleren om instabiliteit in het Westen te veroorzaken? Is er hier sprake van een politiek-economische strategie vanwege de Chinezen?
Dit soort paranoia en xenofobie weerhielden onverschrokken wereldinvesteerders er echter niet van om elders te gaan kijken. Vele andere markten hebben trouwens een superieure winstmarge en lage correlatie tentoongespreid in vergelijking met de sirenenzang van de Chinese markten.
In werkelijkheid is het zo dat sommige landen - in het bijzonder naties als China en Rusland - veel te sterk beginnen te correleren met de Westerse markten.
Daarom zullen we ons de komende weken vooral concentreren op minder bekende maar erg goed presterende en minder gecorreleerde markten zoals het land waarover we het volgende week zullen hebben: Peru.